Families(t)of
Even voorstellen: de familie Pluk. Vader Stof Pluk, Moeder Haar Pluk en onafscheidelijk van hun ouders de zeer uitgebreide schare nakomelingen; de kleine Pluisjes Pluk. U als mede-slechte-huisvrouw herkent ze ongetwijfeld onmiddellijk. Misschien noemt u ze anders. Dat kan, ze luisteren naar een heleboel namen. Maar u kent ze absoluut.
Deze gehele familie Pluk woont al sinds jaar en dag – ook – gezellig bij ons in. Niet dat ze dat ooit gevraagd, overlegd of ter discussie op tafel hebben gelegd, laat staan dat ze een huurcontract wilden ondertekenen. De familie Pluk is wat je noemt een ongewenste anti-kraak bewoner; je huis staat nooit leeg, maar ze eruit zetten, dat lukt je niet.
Eigenlijk is het een soort hedendaags vijftigerjaren gezin. Vader zit het liefst op de bank en tussen de kranten, Moeder besteedt haar tijd vaak aan het toilet en op de badkamer en de kindertjes lijken o zo schattig, maar ondertussen zijn ze steengoed in rotstreken en kattenkwaad. De krengen. De Pluisjes Pluk zijn vooral goed het verstoppen van allerlei zaken, het maakt niet uit wat het is. Ze gaan er met zijn allen op liggen en hop, het voorwerp is spoorloos. Het verhaal gaat dat ze ooit een hele hond verstopt hebben…..het arme dier is nooit meer teruggevonden. Gelukkig hebben wij nog geen huisvee verloren en, afgezien van een enkele sok, valt bij ons het kattenkwaad nog wel mee. Nog wel.
Zoals elke huisgenoten-relatie kent ook mijn relatie met de familie Pluk hoogte- en dieptepunten.
Op goede dagen zijn ze erg gezellig in de omgang; ze komen mee op de koffie, helpen je de was opvouwen, spelen met de kat, houden de kinderen bezig en vullen met liefde alle hoeken en gaatjes in je huis(houden) voor je op. Op wat minder goede dagen zijn ze wat opdringerig te noemen; ze duiken op in je schone was, je vind ze naast je voeten onder het dekbed, in de oren van de kat of onder in de bestekbak. Dan zijn er de slechte dagen waarop de gehele familie je lijkt te stalken; overal duiken ze op en hoe zeer je het ook probeert te ontkennen en te negeren….je blijft ze overal zien.
Tot slot kan het nog een graadje erger: op uitzonderlijk slechte dagen heeft Moeder Pluk haar wasdag en krijg je haar met geen mogelijkheid meer uit je doucheputje. Probeer je dat dan toch, dan duikt de gehele familie ineens op uit de badmat en het douchegordijn waar ze blijkbaar al een tijdje in een hinderlaag gelegen hadden. Met zo’n hele familie in de nek is zelfs voor deze slechte huisvrouw de maat vol. Want dat laat ik natuurlijk niet op me zitten, dat lijkt me duidelijk. Het gevolg is dan ook een heuse badkamerlijke veldslag waar zelfs Braveheart een pips kleurtje van zou krijgen. De douchekop draait overuren, de wc-rollen vliegen in het rond en zelfs het chloor wordt niet geschuwd…..daar kan Mel Gibson nog wat van leren. Ha!
Maar goed, elke strijd kent zijn einde. De uitzonderlijk slechte dagen zijn – zelfs hier- reden tot interventie. Ongevraagde anti-kraak-bewoning is tot daar aan toe, maar er zijn grenzen. Ik pak dan mijn hoofdtooi uit de verkleedkist van de kinderen en als opperhoofd Poetst-Met-Tegenzin neem ik plaats aan de vergadertafel. De familie Pluk drapeert zich – het liefst bij een laaghangend zonnetje – uitdagend nog eventjes over de tafel heen.
Nodeloos te zeggen is natuurlijk dat er met deze familie geen zinnige discussie te voeren is. De vredespijp is dan ook nog nooit opgegraven. Het draait altijd en eeuwig uit op het inzetten van grovere middelen. De stofzuiger, wel te verstaan.
Op dit moment zit ik aan tafel, met een kop koffie en een laaghangend zonnetje. Vader Pluk kijkt me vanaf de stoel tegenover me nog één keer met een smalende blik aan, terwijl Moeder Pluk met een beledigd gezicht haar nagels zit te vijlen. Opperhoofd Poetst-Met-Tegenzin heeft geen andere keuze dan ook deze keer de stofzuiger dan maar te gaan pakken. Zucht.
In mijn ooghoek zie ik ondertussen de kleine Pluisjes Pluk stilletjes naar de kelderkast verdwijnen. Als ik daar straks nou mijn stofzuiger nog maar terug kan vinden…
Category: Blogs









